Fibromyalgie, hoe nu verder? 

Mijn vorige blog ging over fibromyalgie. Ik heb verschillende reacties gekregen op deze blog, vandaar dat ik een tweede blog schrijf over fibromyalgie en wat ik allemaal heb gedaan aan therapieën, behandelingen en medicijnen.

Vlak nadat ik de diagnose kreeg kwam ik in een molen van artsen, behandelaars, therapieën en weet ik veel wat nog meer. Mijn enige doel was beter worden, van de pijn afkomen en m’n leven weer kunnen oppikken.

Ik begon met het slikken van verschillende pijnstillers. De namen hiervan weet ik niet meer. Wel weet ik nog dat de pijn er wel wat minder door werd, maar dat ik door de medicatie ook allemaal andere klachten kreeg. Ik had continue dorst, had vreselijk last van droge ogen en zweette veel. En de bijwerkingen werden in de loop der jaren eigenlijk alleen maar erger.

Vlak na het vaststellen van de diagnose fibromyalgie kwam ik in een revalidatiecentrum terecht. Vreselijk vond ik het. Wat moest ik daar nou? Maar zoals ik in mijn eerdere blog al schreef heb ik er een ontzettend leuke tijd gehad. Het was ook een zware tijd, want aan het begin mocht ik nog maar weinig en moest ik veel rusten. Rusten betekende op bed liggen, zonder tv, muziek of boek. Eerst vond ik het maar overdreven, maar daarna genoot ik echt van die stille rustmomenten. In het revalidatiecentrum moest ik iedere ochtend zwemmen. En ik ben nou niet echt een waterrat, dus het was echt een soort van straf voor mij. Het was wel extra warm water en dat was ontzettend fijn voor mijn lichaam. Verder kreeg ik fysiotherapie, ergotherapie, haptotherapie en moesten we sporten en hadden we ook ontspanningsmomenten. Het waren volle dagen, met vaste eet- en rustmomenten. Door het regelmatige ritme en het goed luisteren naar je lichaam voelde ik me langzaamaan weer wat beter. De pijn en vermoeidheid waren niet weg, maar ik kon het wel beter aan. 

Na mijn ontslag uit het revalidatiecentrum heb ik nog enige tijd haptotherapie gevolgd. Dit was erg prettig en ik had er veel baat bij. Wat is haptotherapie? Haptotherapie is een persoonsgerichte therapie/begeleidingsvorm. Het is er op gericht de client weer in contact te brengen met zijn/haar gevoelens en daarmee met zichzelf. Aan het begin vond ik het een beetje zweverig, maar zo heb ik het absoluut niet ervaren.

  

In deze tijd heb ik ook een orthomoleculair arts bezocht. Ik ging hier eens in de zo veel tijd naar toe. Hoe vaak weet ik niet meer precies. Ik kreeg daar infusen toegediend en volgde een vrijwel suikervrij dieet. Dit had zeker effect op mijn lichaam, want de pijn werd er aanzienlijk door verlicht. De term orthomoleculair werd voor het eerst gebruikt in 1968, door professor Linus Pauling. Orthos komt uit het Grieks en betekent: juist, recht of gezond, en orthomoleculair staat voor: de moleculen betreffende. In de orthomoleculaire geneeskunde streeft men er dus naar met stoffen te werken die het lichaam zonder schade kan gebruiken en verwerken. 

  

Door mijn haptotherapeute heb ik veel over mijn eigen lichaam geleerd en leerde ik om mijn lichaam te ontspannen. Mijn lichaam is vaak erg gespannen. Zij zei altijd dat het net leek alsof ik ieder moment van de behandelbank wilde springen, want ik lag zo gespannen, in een soort starthouding.

Toen ik op mezelf ging wonen ben ik onder behandeling geweest van het Jan van Breemen instituut. Zij zijn gespecialiseerd in reuma. De therapieën die ik daar heb gevolgd leken veel op die van het revalidatiecentrum, maar doordat ik nu ouder was en op mezelf woonde, had het allemaal een hele andere betekenis voor me. Ik heb er gezwommen, gesport, gesprekken gevoerd met therapeuten en ontzettend veel geleerd. Ik ben er nog steeds heel dankbaar voor dat ik de mogelijkheid had om dit te doen, ook al was het niet altijd gemakkelijk.

Om de pijn te verlichten heb ik ook gebruik gemaakt van een TENS apparaat. Ik weet niet meer precies hoe ik hiermee in aanraking kwam, maar het heeft me tot op zeker hoogte wel geholpen. Vooral in tijden dat de pijn heel erg was. Het TENS apparaat was gemakkelijk te gebruiken en het deed geen pijn. TENS is een afkorting voor de term Transcutane Electro Neuro Stimulatie en houdt in dat er elektrische stroompje door de huid heen worden gegeven die de zenuwen kunnen beïnvloeden om de pijn te verminderen. TENS kan de pijn verminderen, maar neemt de oorzaak van de pijn niet weg. 

  

In het revalidatiecentrum heb ik geleerd om rust en beweging goed te combineren, dus ik heb altijd geprobeerd om dat te doen, maar makkelijk was het niet altijd. Als je hele lichaam pijn doet en je bent moe, blijf je het liefst in bed of op de bank liggen. Ik bleef zwemmen, ondanks dat ik er een hekel aan heb. Ik probeerde iedere dag te wandelen of te fietsen. En in de loop der jaren heb ik ook de voordelen hiervan gezien. Ook nu merk ik het nog steeds. Als ik rust en activiteit goed met elkaar combineer functioneert mijn lichaam goed. De pijn blijft, maar er is mee te leven en ik ben er ondertussen zo aan gewend. 
In de afgelopen jaren heb ik zelf een manier gevonden waardoor mijn pijn te verdragen is en daar ben ik best wel trots op, want ik kan hetgeen doen wat ik graag doe en dat is erg fijn. Gezonde voeding heeft een positief effect op mijn lichaam en rust en regelmaat ook. Ik probeer altijd op hetzelfde tijdstip naar bed te gaan en op te staan.

Sinds vorig jaar ben ik ook begonnen met hijama, oftewel cupping. Vriendinnen om mij heen deden dit al langer, maar ik durfde niet. Het leek me zo ontzettend eng en pijnlijk. Gek eigenlijk, want ik had nog nooit gedaan en wist dus eigenlijk ook niet wat ik kon verwachten. Vorig jaar heb ik dan toch de stap genomen om het te doen en het is me reuze mee gevallen. Ik heb het inmiddels een aantal keren gedaan en ben er ontzettend tevreden over. Het helpt me enorm en ik voel dat m’n lichaam er goed op reageert. Vanwege mijn zwangerschap kan ik het nu niet laten doen, maar zodra ik bevallen ben maak ik snel weer een nieuwe afspraak.

Leven met een chronische aandoening is niet altijd makkelijk, maar ik heb er ook veel van geleerd en weet niet beter. Ik heb het geaccepteerd, ik heb er mee leren leven en het heeft mij ook gemaakt tot de persoon die ik nu ben. Ik zeg vaak dat mijn bekering tot de Islam en het hebben van fibromyalgie mij hebben gevormd. 

Advertenties

Gehakt hachee

Ook ik ben wel eens moe en heb dan niet zo veel zin om te koken, maar ja het moet toch gebeuren. We zijn niet echt van het bestellen en gelukkig zijn er ook eenvoudige, snelle, maar toch lekkere en voedzame maaltijden. Vrijdag had ik zo’n dag en maakte ik een eenvoudige hachee met gehakt. Meestal eten we het met rijst en sperziebonen of doperwten. De rijst was op, dus heb ik er aardappelpuree bij gemaakt en doperwten. Een heerlijke maaltijd en snel klaar.

Wat heb je nodig?

300-400 gram rundergehakt

4 uien

3 kruidnagels

Bakje champignons

1 eetlepel azijn

1 runderbouilon tablet

300 ml water

1 klein blikje tomatenpuree 
  

Hoe maak je het?

Verhit wat olie in een koekenpan en rul het gehakt. Ondertussen snij je de uien in halve ringen en voeg je deze toe aan het gehakt. Je bakt dit samen nog zo’n 5 minuten. 

Ondertussen snij je de champignons in kwarten, zodat je deze toe kunt voegen aan het gehakt en de uien. Ook de kruidnagels, tomatenpuree, bouillontablet, water en azijn voeg je toe.

Goed door elkaar mengen en dan laat je het voor 15 minuten op laag vuur pruttelen. Af en toe even roeren.

Meestal serveer ik de hachee met rijst en sperziebonen, maar dit keer heb ik er aardappelpuree bij gemaakt en hadden we als groente doperwten. 

Eet smakelijk! 

Fibromi-wattes

Fibromyalgie betekent letterlijk; pijn in bindweefsel en spieren. Het wordt ook wel weke delen reuma genoemd en komt vooral voor bij (volwassen) vrouwen. Op de site http://www.fibromyalgie.nl vindt je een uitgebreide uitleg. In deze blog zal ik mijn eigen ervaring delen en hoe het is om te leven met fibromyalgie.

Toen ik net op de middelbare school zat kreeg ik de ziekte van Pfeiffer. Beter bekend als de vermoeidheid ziekte. Ik was voortdurend moe en kon maar weinig doen op een dag. Ik probeerde iedere dag wel naar school te gaan, maar daarnaast deed ik vrijwel niets. Gelukkig heb ik niet zo heel erg lang Pfeiffer gehad, want op een gegeven moment was het niet meer in mijn bloed te vinden. Maar de klachten bleven wel. Ik bleef moe en ik kreeg op een gegeven moment ook allemaal bloeduitstortingen op mijn lichaam. Ik ben regelmatig bij de huisarts geweest met m’n ouders, maar ze konden niet verklaren waar mijn klachten vandaan kwamen. Na een aantal keren zijn we doorgestuurd naar het ziekenhuis en ook daar konden ze mijn klachten maar niet verklaren. Ik kan mij nog goed herinneren dat ik samen met m’n moeder naar de bibliotheek zou gaan en ik pakte de boeken die terug moesten. Ik pakte de stapel van de tafel en wilde ze meenemen. Ik liet de hele stapel boeken zo uit mijn handen vallen. Mijn moeder zei nog wat doe je onhandig, maar de boeken glipte gewoon uit mijn handen. En in de tijd daarna had ik dat vaker. Ik verloor regelmatig de kracht in mijn handen.

Wat ik mij ook nog goed kan herinneren is dat we bij een arts waren in het ziekenhuis en dat er na het zoveelste onderzoek niets uit was gekomen. Deze arts zei op een gegeven moment min of meer dat ik het verzon en dat het wel eens tussen mijn oren kon zitten. Ik was zo verbaasd dat hij dat dacht en durfde te zeggen tegen mij. Ik stond in de bloei van m’n leven en wilde leuke dingen kunnen doen. Maar dat lukte vaak niet en daar had ik zo veel verdriet van. Dus nee, ik verzon dit echt niet. 

Uiteindelijk bleek dat ik het syndroom van Henoch Schönlein had. Dit syndroom gaat gepaard met allerlei verschillende klachten. Ik had voornamelijk last van mijn gewrichten, bloeduitstortingen op mijn lichaam, mijn eetlust verminderde ook heel erg en ik dronk extreem veel. Op de volgende site vind je meer informatie over dit syndroom https://www.mlds.nl/ziekten/syndroom-van-henoch-schonlein/

Ik kan mij niet zo goed herinneren wat de artsen hieraan hebben gedaan. Of ik medicijnen slikte of een behandeling moest ondergaan. Ik weet nog wel dat ik ongeveer een jaar gebruik heb gemaakt van een rolstoel, omdat ik zo veel pijn had in mijn lichaam en geen lange afstanden kon lopen. In de vierde klas van de mavo gingen we naar Parijs en ging de rolstoel mee. Vreselijk vond ik het, maar dit uitje met mijn klasgenoten wilde ik voor geen goud missen. Mijn moeder en ik hebben geregeld discussies gehad over die rolstoel, omdat zij vond dat ik hem moest gebruiken en ik het absoluut niet wilde. Het was voor mijn ouders ook alles behalve gemakkelijk. En ook voor mijn broertje. Ze hebben allemaal veel moeten opofferen, maar ik weet ook dat ze het met veel liefde hebben gedaan en nog steeds doen. 

Ook Henoch Schönlein was op een gegeven moment over, maar veel van de klachten bleef ik houden. Ik had weinig energie, at vrijwel niets meer. Het koste mij erg veel energie om te eten. En de kracht in mijn lichaam nam af. Het ene na het andere onderzoek volgde weer en er kwam weer weinig duidelijk uit. Op een gegeven moment waren de artsen het er wel over eens dat ze het in de reuma kant moesten zoeken, want daar had ik wel veel symptomen van.

Uiteindelijk ben ik opgenomen geweest in het AMC in Amsterdam. Ik woonde destijds nog bij mijn ouders. Ook hier kreeg ik veel onderzoeken en uiteindelijk de diagnose ‘fibromyalgie’. En toen kwam er een heel circus aan informatie, behandelingen, therapieën etc op mij af. En ja, dan moet je maar net weten wat wel en niet goed voor je is.

Daarna ben ik een aantal maanden opgenomen geweest in een revalidatiecentrum en heb daar een intensieve behandeling gehad. Vreselijk vond ik het om daar naar toe te gaan en er te verblijven, want ik verbleef er intern en mocht pas na een tijdje in de weekenden naar huis. Ik verlangde er enorm naar om naar huis te gaan in de weekenden, maar als ik eenmaal thuis was wilde ik het liefst weer terug naar het revalidatiecentrum, omdat ik daar inmiddels zo gewend was en het daar veel makkelijker was om me te houden aan mijn schema en doelen. Ik  heb een ontzettend mooie, leuke en leerzame tijd gehad in het revalidatiecentrum. 

Na deze opname pakte ik rustig mijn leven weer op. Ik ging studeren en op mezelf wonen. Pittige tijden waren dat, omdat ik nu ook veel zelf moest doen en dat eiste veel van mijn lichaam. Ik had echt mijn ups and downs. In het revalidatiecentrum had ik wel veel geleerd, maar omdat mijn leven nu zo veranderd was als student merkte ik dit ook aan mijn lichaam. Ik moest er anders mee omgaan. Ik slikte pijnstillers en probeerde zo ‘normaal’ mogelijk te leven, maar ik had ook dagen dat ik alleen maar op bed kon liggen en zo ontzettend veel pijn had.

Toen kwam ik via de huisarts terecht bij het Jan van Breemen Instituut. Ook hier ben ik enorm geholpen door de verschillende therapeuten en kon ik mijn leven als student veel beter inrichten en dragelijk maken. 

Toen ik begin 20 was, had ik genoeg van de pijnstillers die ik slikte. Ik had allerlei bijwerkingen en had vaak niet echt het idee dat de pijnstillers hielpen. Ik ben er toen ook mee gestopt en heb gekeken op welke manier ik mijn leven zo kon inrichten dat het voor mij haalbaar was. Ik merkte dat voeding een enorme impact had op mijn leven en dat regelmatig leven ook hielp. Vandaar ook mijn gestructureerde leven. Het helpt mij en mijn lichaam enorm. 

Wat voel ik nou? De pijn is nu een gewoonte voor mij. Toen ik zwanger was van mijn dochter en nu ook weer, weet ik weer hoe mijn lichaam pijnvrij voelt. De dagelijkse pijn is een gewenning voor mij geworden. Ik heb er mee leren leven. De ochtendstijfheid, de vermoeidheid, de pijn en alle andere dingen die er bij komen. Ze hebben mij gemaakt tot de persoon die ik nu ben. 

We gaan gezellig met z’n allen op vakantie…….

Ik heb zeer goede herinneringen aan de vakanties uit mijn jeugd. Doordat mijn moeder in het onderwijs werkte was zij alle schoolvakanties ook vrij en deden we altijd leuke dingen. Ook gingen we regelmatig op vakantie, zeker 2 keer per jaar en soms misschien wel 3 keer. Vrijwel nooit naar het buitenland, maar dat maakte voor ons niet uit. In de zomervakantie gingen we altijd naar Nijmegen, omdat mijn vader de Nijmeegse vierdaagse liep. Daarna gingen we meestal nog ergens anders naar toe, want mijn moeder vond Nijmegen geen echte vakantie. Natuurlijk zijn we ook wel in het buitenland geweest, maar aangezien ik ontzettend wagenziek was/ben, was het toch vaak vlakbij. België, Duitsland en Frankrijk. Toen we naar Suriname gingen was ik 11 en vloog ik voor het eerst. Een ramp! Ik heb de hele vlucht alleen maar overgegeven. En toen moest ik na drie weken ook nog terug met het vliegtuig. Een paar jaar later ben ik met mijn moeder en broertje naar Canada geweest, omdat daar een zusje van mijn moeder woont. Het vliegen ging toen gelukkig beter, maar het blijft toch niet echt mijn favoriete bezigheid. We zijn als gezin nog een keer naar Mallorca geweest. Ik kan me nog goed herinneren dat het toen erg veel regende, maar dat we toch een leuke vakantie hebben gehad. Op mijn 18e ben ik samen met mijn nicht naar Suriname geweest en inmiddels ben ik ook een paar keer in Marokko geweest. 

Als we op vakantie gingen, gingen we eigenlijk altijd naar een bungalowpark. Later gingen we ook regelmatig kamperen. Ik denk dat we heel wat parken hebben bezocht en we zijn ook naar veel musea, parken en bezienswaardigheden geweest. Ik weet nog dat een vriendin van mij een keer mee was op vakantie en zei dat ze nog nooit zo’n culturele vakantie had meegemaakt als bij ons. Voor ons wat het normaal. We lagen niet dagen bij het zwembad of op het strand. Ik heb altijd genoten van onze vakanties en mis het nu best wel.

Mijn oma en tantes gingen ook regelmatig mee op vakanties. Dan werd er een groot huisje, of twee huisjes, gehuurd en hadden we een gezellige tijd met elkaar. 

Mijn broertje en ik zijn lange tijd de enige twee kinderen geweest in de familie van mijn moeder, dus we kregen volop aandacht van iedereen.
De band met mijn tantes (zusjes van mijn moeder) is erg goed en na het overlijden van mijn moeder zijn we ook weer eens met z’n allen in een bungalow geweest. Inmiddels zijn we al meerdere keren geweest en iedere keer is het weer een feestje. Mijn dochter geniet enorm en krijgt volop aandacht van iedereen. En wij uiteraard ook. We maken er altijd een paar gezellige dagen van. We eten veel en allemaal lekkere dingen, spelen spelletjes, we gaan ook veel naar buiten en doen verschillende activiteiten of we bezoeken iets en er worden spelletjes gespeeld en gezwommen. 

Ook dit weekend waren we met elkaar weg. Mijn nichtje uit Canada is op vakantie in Nederland en wilde ons graag allemaal zien. Toen kwam het idee om een bungalow te huren en een weekend met elkaar door te brengen. Helaas kon niet iedereen mee van de familie, maar dat mocht de pret niet bederven. Mijn dochter riep alleen maar ‘we zijn op vakantie, we zijn op vakantie.’ Ze geniet enorm en wij ook.
We zijn op vrijdag aangekomen in een prachtige bungalow. We hebben met elkaar gegeten, gekletst en zijn al lekker in het bubbelbad geweest. Veel te laat naar bed en door mijn dochter was ik veel te vroeg wakker, maar dat mag de pret niet bederven.
Zaterdagochtend hebben we heerlijk met elkaar ontbeten en zijn we naar het Dolfinarium gegaan. Het was erg rustig in het park en prachtig weer. De shows en de speeltuinen hebben we allemaal bezocht en waren allemaal erg leuk. Kortom een geslaagde dag.

Zondag zijn we op het park gebleven en hebben we het vooral rustig aan gedaan. Heerlijk! Er waren leuke speeltuinen op het park en mijn dochter heeft zich daar prima vermaakt. Ook was er een midgetgolf, dus dat moesten we natuurlijk ook doen. Mijn ene tante is bloedfanatiek en we hebben veel gelachen met elkaar. 

Ik heb een erg leuk weekend achter de rug en kijk nu al uit naar het volgende weekend. Ik vind het heel fijn om te zien dat mijn dochter hier erg van geniet en dat ze het ook echt ziet als vakantie.

Ik hoor nu nog wel eens van volwassen dat ze zeggen dat een weekendje in Nederland in een bungalow toch geen vakantie is. Nou ik vind van wel. Je bent even lekker helemaal weg en hebt toch een heel ander ritme dan thuis.

Ik ben ook blij dat mijn dochter er tevreden mee is en dat ze er volop van geniet. Ik hoop dat ze dat ook zal blijven doen. 

Welke herinneringen heb jij aan de vakanties in je kindertijd en jeugd? En hoe zien jouw vakanties er nu meestal uit? 

De mensen om mij heen 

Één van de vragen die mij een tijdje terug ook werd gesteld ging over de mensen om mij heen. Ik vind dit een mooie vraag, want zoals jullie inmiddels misschien wel weten zijn er een aantal mensen die heel belangrijk voor mij zijn en ik het heel fijn vind om hen om mij heen te hebben. 

Naarmate ik ouder word en er bepaalde dingen zijn gebeurd in mijn leven ben ik ook wel kritisch naar wie ik wel en niet in mijn leven toe laat. Als puber had ik veel vrienden, maar ben ik door vele ook flink in de steek gelaten toen ik ziek werd. Ik heb toen mijn echte vrienden wel leren kennen en met sommige van hen heb ik nog steeds contact.

Niet al mijn vriendinnen zijn moslima, maar veel wel. Ik vind dat prettig, omdat we daardoor nog meer overeenkomsten met elkaar hebben. Ik heb in het verleden wel eens meegemaakt dat niet moslim vriendinnen mij niet volledig begrepen en moeite hadden met bepaalde keuzes die ik maakte of dingen die ik deed. Ik vind dit erg jammer, omdat ik iedereen altijd accepteer en respecteer, wat je ook gelooft of niet en wat je ook doet. 

  
Mijn vriendinnen zijn erg belangrijk. Sommige zie ik echt als mijn zussen. Er zijn vriendinnen die ik iedere dag zie of spreek, maar ik heb ook vriendinnen die ik soms maanden niet zie. Maar als we elkaar zien is het net alsof we elkaar de dag ervoor nog hebben gezien. We zijn er voor elkaar in goede en in slechte tijden en staan altijd voor elkaar klaar. Voor mij is dat erg belangrijk in een vriendschap. Ook vind ik het belangrijk dat het van beide kanten komt. En het kan zijn dat er momenten zijn dat ik veel initiatief neem en dan de ander weer, maar ook dit moet kunnen in een vriendschap en moet elkaar niet verweten worden. 

Mijn familie is ook erg belangrijk. Ik denk dat ik het meeste contact heb met de familie van mijn moeder. Mijn moeder is de oudste uit het gezin en mijn broertje en ik zijn ook weer de oudste kinderen, kleinkinderen en neefje en nichtje uit het gezin van mijn moeder. De zusjes van mijn moeder waren nog jong toen wij werden geboren en we waren vaak bij mijn oma of zij bij ons. We hebben altijd veel samen gedaan en doen dat nog steeds.

Ik ben ook gek op de familie van mijn vader, maar we zien elkaar minder vaak. Veel van de familie woont in Suriname, dus is het contact voornamelijk via mail, social media of telefoon. Mijn vader heeft ook familie in Nederland wonen, maar we zien elkaar niet wekelijks. We spreken elkaar vaak ook niet wekelijks. Maar als we samen zijn is het altijd goed en gezellig. Het is dan net alsof we elkaar wel wekelijks zien en spreken. Ik weet dat ik op de familie van mijn vader kan bouwen. Als ik ze nodig heb, zullen ze er voor mij zijn. Toen mijn moeder was overleden woonde een nicht van mij voor een jaar in het buitenland. Als kind woonden we bij elkaar om de hoek en we hebben altijd een goed contact gehad. Toen mijn moeder overleed vond ik het heel moeilijk dat zij in het buitenland zat en hoopte ik heel erg dat ze er kon zijn met het condoleren en de begrafenis. En ja hoor, daar was ze dan. ‘Natuurlijk kom ik Nance.’ En dat is echt typerend voor de familie van mijn vader. Het heeft mij zo ontzettend goed gedaan en ik ben haar nog steeds erg dankbaar dat ze er toen bij was. 

  
Toen ik trouwde kreeg ik ook een schoonfamilie. Zij wonen voornamelijk in Marokko en doordat ik het Arabisch niet goed machtig ben, is het contact heel anders. Via de telefoon communiceren is moeilijk en als we in Marokko op vakantie zijn is het vaak handen en voeten werk of fungeert mijn man als tolk. Toch heb ik een goede band met hen en ben ik gek op hen. En zij volgens mij ook op mij. 

Mijn man heeft ook wel wat familie in Nederland wonen en we proberen hen regelmatig te bezoeken. Twee tantes wonen in hetzelfde stadsdeel als waar wij wonen, dus dat is erg fijn. Met drie nichten van mijn man heb ik goed contact en zij zijn mij ook erg dierbaar. 
Ik kan niet leven zonder mensen om mij heen. Zonder de mensen die dierbaar voor mij zijn. Ik houd enorm van gezelligheid en samen te zijn met de mensen waar ik van houd. 

Wie zijn er in jouw leven belangrijk? 

Weekmenu 

Vrijdag was bij ons boodschappendag. Althans, de dag dat m’n moeder naar de supermarkt ging. Ze maakte dan een lijstje met de boodschappen die gehaald moesten worden en bedacht gelijk wat we de week erop zouden gaan eten. In onze voorraadkast hing een klein whiteboard waarop we de producten noteerden die op waren, zodat m’n moeder niet eerst alle kasten af hoefden te gaan.Op zaterdagochtend ging mijn moeder altijd naar de markt. Heel vroeg, achterlijk vroeg. Maar we hadden dan wel voor het ontbijt verse broodjes en had mijn moeder nog een hele dag voor zich. 

Ook dit ritueel heb ik voor een groot deel van mijn moeder overgenomen. Op vrijdag doe ik meestal de boodschappen. Ik heb een notitie aangemaakt op mijn telefoon waar ik de boodschappen noteer die gekocht moeten worden en ik maak gebruik van de app van de Albert Heijn. Voor de wekelijkse boodschappen ga ik naar verschillende supermarkten en winkels. Ik kijk naar welke producten er in de aanbieding zijn. Op basis hiervan maak ik een weekmenu, maar kijk ook naar wat we lekker vinden. Ook houd ik rekening met de afwisseling van gerechten. Zo probeer ik iedere week iets met pasta te maken, aardappels en rijst. Ook eten we één of twee dagen vegetarisch. Dit zijn meestal de woensdag en donderdag, twee van de dagen dat ik werk. Ik maak dan gerechten die ik van tevoren al kan maken en op de dag zelf alleen hoef op te warmen. De gerechten die ik maak bevatten altijd verse groente. En vaak maak ik er nog een salade bij. Mijn dochter is niet echt gek op salade, dus zij krijgt dan een schaaltje met plakjes komkommer en olijven. Dat is dan haar eigen salade, zoals ze zelf zegt. Ik vind het belangrijk dat we gezond en voedzaam eten. De ene dag is het wat uitgebreider dan de andere dag. 

Fruit is ook iets wat ik iedere week haal. Meestal haal ik dit bij Lidl, maar als ik ergens een goede aanbieding zie ga ik er naar toe om daar fruit te kopen. Op dinsdag ga ik meestal even naar de markt en daar koop ik meestal m’n blauwe bessen en frambozen. Qua kosten scheelt dit enorm met in de supermarkt en ze zijn net zo lekker.

Hieronder een voorbeeld van een weekmenu. Woensdag en donderdag zijn twee van mijn werkdagen. De gerechten die we dan eten heb ik van tevoren al gemaakt en zitten vaak in porties in de vriezer. Ik hoef het alleen maar op te warmen en nog iets erbij te maken. 

Maandag: preischotel a la natalies keuken 

Dinsdag: snelle bonenschotel met rijst. Recept van lekker en simpel 

Woensdag: bessara (Marokkaanse erwtenpuree) met sardine

Donderdag: le3des (Marokkaanse linzengerecht) met salade en homemade friet 

Vrijdag: pasta met gestoofde aubergine en tomaat 

Zaterdag: bij familie eten 

Zondag: tajine 

Ik vind het zelf erg fijn om met een weekmenu te werken en om de boodschappen voor een hele week te halen. Dit scheelt mij een hoop tijd op een dag, waardoor ik tijd heb voor andere dingen. Voor het maken van een weekmenu kun je ook gebruik maken van de website http://www.weekmenu.nl of de app. Ik maak altijd een weekmenu in de notities van mijn telefoon. 

Halen jullie ook voor een hele week boodschappen? En maken jullie ook gebruik van een weekmenu of bedenk je per dag wat je gaat eten? 

Kiwi en banaan smoothie 

Ik ben gek op smoothies. Het lukt me niet om iedere dag eentje te maken, maar zeker wel een aantal keren per week.Mijn dochter vind het ontzettend leuk om te helpen en drinkt een smoothie ook met veel liefde.

Deze week heb ik twee nieuwe recepten uitgeprobeerd en ze vielen erg in de smaak, vandaar dat ik ze graag met jullie wil delen. 

Kiwi smoothie

Wat heb je nodig? 

7 a 8 perssinaasappels, uitgeperst

2 kiwi

1 banaan 

2 appels (ik heb Elstar gebruikt)

Hoe maak je het? 

Snij de appels in stukjes en doe ze samen met het sinaasappelsap in de blender. Blend dit tot een gladde massa. 
Voeg dan de kiwi toe en blend het geheel weer glad. 

Als laatst voeg je de banaan toe. En kun je genieten van een heerlijke gezonde smoothie.

Bananensmoothie 

Wat heb je nodig?

7 a 8 perssinaasappels, uitgeperst

2 appels 

1 citroen, uitgeperst

2 bananen

Hoe maak je het?

Snij de appels in stukjes en doe ze samen met het sinaasappelsap in de blender. Blend het tot één geheel.
Voeg dan de bananen en het citroensap toe en blend de smoothie glad.

Geniet ervan! 

Mama zijn 

Een vraag die mij al een aantal keren is gesteld, is of ik veranderd ben sinds ik moeder ben geworden. 

Kinderen hebben altijd deel uitgemaakt van mijn leven. Toen ik nog bij mijn ouders woonden waren mijn buurmeisje en buurjongetje heel vaak bij ons. Althans, bij mij. Ik deed heel veel met hen en deed het met heel veel plezier. 

Mijn beste vriendin werd al jong moeder en we waren veel samen, dus ook met haar kinderen. En daar genoot ik enorm van. 

Toen ik ging studeren koos ik voor de pabo, een studie gericht op kinderen. Dus ja, weer kreeg ik te maken met kinderen. Mijn stages heb ik altijd met veel plezier gedaan en ik begon ook met heel veel enthousiasme te werken in het onderwijs. Waar ik overigens nog steeds met heel veel passie en enthousiasme in werk hoor.
Voordat ik zelf moeder werd wist ik heel goed hoe ik het niet wilde. Ik had in mijn stages en later op mijn werk zo veel voorbeelden gezien van opvoeding, waarvan ik dacht nee dat wil ik echt niet. Ik ben ook veel gaan nadenken over mijn eigen opvoeding en ben daar tot op de dag van vandaag zo ontzettend blij mee. Ik was het absoluut niet altijd eens met mijn ouders en vond ze heel vaak streng, maar wat ben ik nu dankbaar voor hun opvoeding. 

Ik wist dat ik mijn kinderen normen en waarden wilden bijbrengen. Dat ik hen wilde opvoeden tot trotse en tevreden individuen. Ik wil dat mijn kinderen respect hebben voor anderen en voor zichzelf. Dat ze blij en dankbaar zijn met hetgeen ze krijgen en hetgeen ze niet krijgen. 

Toen ik zwanger was van mijn dochter was het ook een hele moeilijke tijd, omdat mijn moeder ongeneeslijk ziek was. Ik was ontzettend blij dat ik zwanger was, maar aan de andere kant doodsbang, omdat ik wist dat mijn eigen moeder zou komen te overlijden. En wanneer? Ja, dat wist niemand. Ik leefde echt van moment tot moment. Ik hoopte dat ze bij de 20 weken echo kon zijn, dat ze m’n gehele zwangerschap mee zou maken, dat ze bij de bevalling zou zijn, dat ze haar kleindochter de eerste maand zou mee maken, een half jaar en toen keek ik uit naar de eerste verjaardag van m’n dochter. Maar helaas is mijn moeder overleden toen mijn dochter 9 maanden was. Tot op de dag van vandaag heb ik het daar heel moeilijk mee. Ook als het gaat om de opvoeding van mijn dochter. Ik zou er zo graag met mijn moeder over willen praten. Haar willen vragen of ik het goed doe of hoe zij het gedaan zou hebben. Van haar horen dat ik het goed doe, dat ze trots op me is. Dit hoor ik wel van familie en van vriendinnen, maar ik had het zo graag van m’n moeder willen horen. 

Ik denk dat sinds ik moeder ben, nog meer mezelf ben. Ik vind het heerlijk om moeder te zijn. Ik ben gek op kinderen. Ik vind het leuk om kinderen iets te leren en om ze op te voeden. En hoe mooi is het om dat bij je eigen vlees en bloed te kunnen doen. Ik ben er enorm dankbaar om.

Sinds ik moeder ben geniet ik nog meer van de kleine dingen in het leven, dan ik hiervoor al deed. Moeder zijn heeft me bewuster gemaakt.